Den Haag, 27 maart 2026

Op 27 maart 2026 zijn er uitspraken gedaan in de volgende zaken:

VBC 2025/06.

Klacht van een diereigenaar tegen een dierenarts over de behandeling van een paard (uitvoering keizersnede bij een paard, waarna het paard haar been heeft gebroken en moest worden geëuthanaseerd). Klacht is in eerste aanleg ongegrond verklaard. Het Veterinair Beroepscollege verwerpt het beroep.


VBC 2025/07.

Klacht van de klachtambtenaar tegen een dierenarts over het niet administreren van het toedienen van een diergeneesmiddel met een wachttijd voor vlees aan een rund. De klacht is in eerste aanleg gegrond verklaard zonder oplegging van een maatregel. Het beroep van de klachtambtenaar ziet op het feit dat geen maatregel is opgelegd. Het Veterinair Beroepscollege acht met de klachtambtenaar een maatregel aangewezen en vernietigt in zoverre de beslissing van het Veterinair Tuchtcollege. Het Veterinair Beroepscollege legt aan de dierenarts de maatregel van waarschuwing op.

VBC 2025/10.

Klacht tegen een dierenarts over het euthanaseren van twee inbeslaggenomen honden. Klager is door het VTC n-o verklaard omdat hij niet klachtgerechtigd was omdat hij afstand van de honden had gedaan. De zoon van klager heeft beroep aangetekend. Het Veterinair Beroepscollege verwerpt het beroep.